Week 6 Thalat- Nakhon Phanon

Dinsdag 30 november rustdag Vientiane

DRP

In eerste instantie leek Laos een beetje op Thailand: bananenbomen, rijstvelden, noodlesoup en Aziatische mensen. Nu is dat niet ons sterkste punt, het uit elkaar houden van de verschillende Aziaten. Thuis kunnen we op een kilometer afstand een Engelsman van een Italiaan onderscheiden, maar hier vinden we dat lastig. Chinezen hebben we inmiddels wel door, maar dat komt dan vooral door hun groepsgedrag en kleding: altijd in kuddes, kleine vrouwen in broek met zonneklep en of paraplu voorop, rochelende en/of rokende mannen er achteraan. Altijd voordringend. Tegenwoordig steeds vaker met een gigantische camera op hun (niet altijd meer zo slanke) buik. Tot voor kort was de camera het herkenningsteken voor de Japanner, maar dat is helaas (voor ons) niet meer zo. Koreanen zijn helemaal lastig, al zijn de jongeren daarvan nogal eens punk.

Terug naar verschillen tussen Laos en Thailand. Het verschil zit hem vooral in de staat van ontwikkeling van het land. Alles is hier armoediger, de huizen vaak van bamboe en nog niet van steen, de wegen vol kuilen en "rammelstroken”, weinig particuliere auto's, prehistorische landbouwwerktuigen en vooral armoedige, smoezelige kleding. En overal rotzooi in de berm. Op het platteland dan tenminste, hier in Vientiane is alles meer ontwikkeld, net als in de grotere toeristencentra. In de bergdorpen stond midden in alle dorpjes de waterpomp, vaak geschonken door Korea, Australië of Japan. Dat zijn ook de grote sponsors van de dorpsscholen, die vaak uit niet meer dan twee bamboelokaaltjes bestonden. Rond de pomp werd de was gedaan en stonden mannen en vrouwen, gehuld in een sarong zich te wassen. Ook wassen in de rivier hebben we nog regelmatig gezien. En overal rondscharrelende kippen, honden en koeien. En winkeltjes waar bijna niets te koop is.

Het grootste verschil in beide landen zit voor ons echter in het enthousiasme waarmee we begroet worden onderweg. Kregen we in Thailand al regelmatig support d.m.v. opgestoken duim of luide toeter, hier loopt het hele dorp uit als we langs komen. Sabaidee roepen ze zangerig, en vooral de kindertjes zwaaien daarbij zeer innemend. Vanaf jonge leeftijd worden Laotiaanse kindertjes getraind in het zwaaien naar "Farang” (i.v.m. frequent onvermogen om de r uit te spreken ook wel Falang genoemd). Ze kunnen soms nog niet eens zitten en worden dan door oma of mama gedwongen te zwaaien. In de langgerekte dorpen langs highway 13 ging soms een hartverwarmende geluidsgolf van Sabaidee achter ons aan.

Naast zwaaien hanteren ze vooral de Laotiaanse way of life: DRP

Wat zoveel betekent als: don't rush please. Deze levenshouding is niet gunstig voor de economische omstandigheden van dit land, dat tot voor kort tot de 20 armste ter wereld behoorde. Dat dit inmiddels niet meer zo is, komt vooral door grote vriend China, dat in Laos een uitstekend doorgangsland heeft gevonden richting de havens van Bangkok. De manier waarop Chinezen voorzieningen in dit land creëren (wegen, hotels en casino's) heeft niets te maken met DRP helaas, maar vooral met snel en rücksichtlos.

Je moet er maar snel gaan kijken, in Laos, zolang het nog kan.

Woensdag 1 december Vientiane Nong Khai 45 km

Verzoeknummer

Terwijl wij hier heerlijk in het zonnetje zitten, weer terug in Thailand en weer aan de oever van de Mekong, en jullie een ijskoud begin van de meteorologische winter beleven, kreeg ik het verzoek om iets te schrijven over schaatsen in Laos. Het verzoek is minder raar dan je op het eerste gezicht zou zeggen. In Bangkok was in een groot winkelcentrum een schaatsbaan aangelegd. Laos is alleen geen Thailand. Er wordt met geld gesmeten bij de aanleg van te dure en te grote hotels. Zonder indoor ijsbaan, gelukkig.

In Laos houden ze er wel van een scheve schaats te rijden. Zodra we Laos binnen kwamen werd ons weed en opium aangeboden. Veel Westerse jeugd maakt daar graag gebruik van om vervolgens in Vang Vieng lui, onderuitgezakt eindeloos naar Friends te kijken. Marijke schreef daar al iets over.

Wel grappig vond ik dat de Laotiaanse regering in de oorlog een partij cement heeft gekregen van de Amerikaanse regering om een vliegveld mee aan te leggen. Het resultaat is een triomfboog en geen landingsbaan. Spottend werd die ook wel de vertical runway genoemd. Ook een scheve schaats.

Verder valt er over schaatsen in Laos te vertellen dat het veel klunen is. Heel veel klunen.

Tot zover het verzoeknummer. Inmiddels zitten wij in een guesthouse onder de kerstboom. Gisteren ook al een kerstboom zien staan. Er waren meerdere mensen die opmerkten dat we met kerst niet thuis zouden zijn. Soms lag daar dan zo'n ondertoon in van: "goh, wat is dat dan jammer voor jullie. Missen jullie die gezellige knusse kerstsfeer”. Dat valt dus reuze mee. In Nederland is het nog niet zo ver. Eerst moet de Goedheiligman het land uit. We hebben in die zin een voorsprong. Onze kerst zal natuurlijk nooit wit worden. Maar ik wil wedden dat als het weer blijft zoals het nu is jullie die kou en sneeuw tegen de tijd spuug en spuugzat zijn.

Zo, ik ga nu even een mixed fruitjuice bestellen.


Donderdag 2 december NongKhai- Pak Khat 100 km

Culinaire matrix

Zowel in Thailand als in Laos bestaat de menukaart soms uit 300 items, een beetje zoals bij onze Chinees Wo Ping in Leiden. De juffrouw staat na 2 minuten naast je met haar bestelbriefje, maar dan zijn wij natuurlijk nog maar bij item 23. Maar na enige weken beginnen we de structuur te doorzien. Je moet de menukaart zien als een driedimensionale matrix. Op de verticale as staan de eiwitten, in volgorde van populariteit en beschikbaarheid. Op de horizontale as de bereidingswijzen: fried, deep fried (met een paneerlaagje), stirfried (het verschil met fried is niet altijd duidelijk), soup, spicy, steamed, oystersauce en onze favoriet sweet en sour. Dat ziet er dus ongeveer zo uit:

Fried

Deepfried

Stirfried

Soup

Spicy

Steamed

Oyster-sauce


Sweet &sour

Egg









Pork









Chicken









Beef









Shrimp









Tofu









Fish









Seafood










Op de derde as, in deze tabel wat moeilijk te visualiseren, staan rice of noodles. Rice is meestal steamed, maar boven een bepaalde graad noorderbreedte (zo ten hoogte van Chiang Mai en daarboven) is er ook sticky rice. Geserveerd in een bamboemandje en bij voorkeur met de rechterhand te eten. Lekkere beet. Noodles zijn er in dikke en dunne varianten.

En dan zijn er nog wat frivoliteiten als cashewnoten en champignons. Vegetables, ook wel geschreven als vegtebels of vegiteble, nemen een onduidelijke plaats in in dit geheel. Maar meestal nemen we ze gewoon stirfried. Een kilo knoflook en een scheutje vissaus en klaar is kees.

Spicy is daarnaast een rekbaar begrip. In Thailand is het more spicy dan in Laos. We menen er best een beetje tegen te kunnen maar gisteravond was de vissoep toch wel weer heftig. Je krijgt er meestal bakjes bij om het geheel naar eigen smaak nog wat op te leuken: suiker (ter bestrijding van too much spicy), zout in de vorm van vissaus, zuur in vorm van azijn of limoen, en extra chillies, maar die hebben we zelden nodig.

Nou, en dat dan drie keer per dag.

We hebben van Bram's kantoor bij vertrek een tegoedbon gekregen voor een diner for two in een aantrekkelijk Leids restaurant. Zonder te willen klagen over de rijkdom hierboven geschetst: we kijken er zeer naar uit.

Vrijdag 3 december Pak Khat- Beung Kan 48 km

Westerse mannen en Thaise vrouwen

We hadden een korte etappe vandaag. Nog geen 50 kilometer. Na de indrukwekkende Laotiaanse etappes een beetje saai. We waren op zoek naar een lunchadresje toen we op de boulevard een paar Westerse mannen passeerden die daar zaten met hun Thaise vriendinnen. "Where you're from?”, vroeg een van de mannen, een Noor zo bleek later. De twee anderen waren Amerikanen. "Oh, you're from Holland. Mijn voorouders kwamen uit Holland.” Dat was een van de Amerikanen natuurlijk, om half twee al aan de whisky-cola. Hij zag er ongezond uit, trillende handjes. Grote bruine vlekken op zijn lijf, waarvan de herkomst niet duidelijk was. Viezigheid of zorgelijke huidaandoeningen.

De dames waren ook niet zo heel erg jong meer. Nog steeds stukken jonger dan de mannen, maar niet zo jong, dat je er plaatsvervangende schaamte voor hoefde te hebben. Eergisteren zagen we nog een meisje een 80plusser ondersteunen bij een eenvoudig wandelingetje. Leeftijdsverschil zeker een jaar of 60.

De Thaise vrouwen kiezen zo'n man vast uit economische overwegingen. Westerse mannen die er vaak uitzien alsof ze thuis niet zo hoog op de relatiemarkt scoren, krijgen hier dus kennelijk makkelijk een jong vrouwtje aan de arm en ongetwijfeld ook in bed. Ze zijn overwegend 60plus. Er is duidelijk sprake van een win-win situatie, maar je krijgt er toch een ongemakkelijk gevoel van. "Krijgen die oude kerels hem nog wel omhoog” vroeg ik aan Marijke. Maar die zei dat ze daar geen verstand van had.

Van die Thaise meisjes kan ik het nog wel snappen. Het is een uitvlucht. Naar een man met geld. Dat laatste verzin ik zelf, want of al die Westerse mannen werkelijk solvabel zijn, dat weet ik niet natuurlijk. Ze zijn in elk geval een stuk vermogender dan de gemiddelde tuktuk-chauffeur.

De drie mannen zaten te eten met hun vriendinnen en nadat we twee stoelen kregen gingen we bij ze aan tafel zitten. We kregen ook een paar ongebrande pinda's uit een plastic zakje. De schil was daardoor helemaal zacht, de inhoud leek een beetje op rauwe zonnebloempitten. Ze vertelden dat ze hier al jaren wonen. We waren al door het plaatsje gefietst en hadden al gezien dat we hier echt niet langer dan een nachtje wilden blijven, laat staan een paar jaar. De Noor zou ook wel willen fietsen, net als wij. Dat kon hij niet meer vanwege zijn rug. De niet-drinkende Amerikaan was nog het meest spraakzaam en was oprecht geïnteresseerd over wat we verder gingen doen. Hij wist ons ook te vertellen dat de wegen in Cambodja tegenwoordig heel goed zijn. Dat was tot voor een jaar of drie terug wel anders. Goed nieuws dus. De andere Amerikaan kon alleen vertellen dat het erg heet kon zijn, gedurende een maand of acht per jaar. Ja hè hè, als je om twee uur al aan de sterke drank zit, dan ga je vanzelf zweten. En trillen.

Gisteren Jules ontmoet, een aannemer uit Den Haag. Ook een paar maanden onderweg op de fiets. Had ook al zo'n verhaal over een Westerling die de hele dag door zoop en zich dan door zijn Thaise vriendin weer naar huis liet vervoeren. Jules was als alleenreizende man een paar dagen geleden flink gefêteerd door een Thaise zakenvrouw. Chique mee uit eten en zo. En hij moest en hij zou met haar meerijden naar Vientiane, hij mocht niet fietsen. Daar was het bij gebleven. Van een andere fietser hadden we al gehoord hoe hij was geïntroduceerd in de organisatie achter de relatievorming met Thaise vrouwen. Ook hij was nog alleen en ging over een paar weken weer terug naar Leiden.

Kortom, ik kom ook gewoon terug met Marijke om hierna weer lekker aan het werk te gaan.

Zaterdag 4 december Beung Kan- Ban Pheang 93 km

Buurtsuper

Na de indrukwekkende Laotiaanse etappes is het hier weer vrij saai, maar gelukkig zijn er tijdens de stops diverse afleidingen. We zaten vanmorgen al vroeg op de fiets, om kwart over 7. We hebben in Laos muesli ontdekt en bij de 7 elven yoghurt (met lepeltje), zodat we in een kwartier ons ontbijtje op hebben. Als we uit ontbijten gaan kan dat zo drie kwartier duren, afhankelijk van de snelheid en het begripsvermogen van het personeel. Bovendien moeten ze soms eerst boodschappen doen, een yoghurtje is niet altijd op voorraad en dan wordt er snel iemand op een brommertje op uitgestuurd. Eieren zijn er meestal wel, en rijstsoep, maar daar hebben we om uiteenlopende redenen niet altijd zin in 's morgens vroeg.

Zo na 20-25 km volgt de eerste koffie/colapauze. Vanmorgen hadden we een leuk plekje bij de buurtsuper met uitzicht op een startend marktje. De buurtsuper was relatief groot voor Thaise begrippen, maar rommeliger dan de ergste Aldi. Alles schots en scheef op de stoffige planken. Achter de kassa een keurig gesoigneerde charmante dame. Ze besteedde ongetwijfeld meer tijd aan haar uiterlijk dan aan de schoonmaak van haar badkamertje, waar ik even gebruik van mocht maken. De badkamer in Lisanne's studentenhuis zag er netter uit. Kwestie van keuzes maken kennelijk. Het assortiment in de winkels is trouwens overal hetzelfde en bestaat voor minstens een kwart uit chips in alle soorten en smaken. Voor verse spullen moet je er niet zijn. Voor verse koffie helaas ook niet. Volgens Bram horen koffie met appeltaart en cola tot de favoriete consumpties van tourfietsers. Lekker en vol met snel resorbeerbare suikers. Helaas is er hier noch koffie noch appeltaart, weer iets om naar uit te kijken voor straks back home. We houden het meestal maar op ijskoffie uit blik en een cola.

In de marktstal voor ons legde een man twee Mekong vissen op de barbecue. Ook daarvan kennen ze hier maar een recept: ingesmeerd met veel grof zout en met een serehstengel door de strot geduwd. Best lekker weten we inmiddels. We hebben ook de barbecuetechniek even bestudeerd: alleen witgloeiend houtskool, geen vlammetje in te bekennen en 20 cm onder de vis. Langzaam laten garen, niks verkoolde etenswaren. Vrouwlief stond al luid telefonerend in de bijbehorende saus te roeren, vissaus met heel veel chillies. Maar voor vis was het nog te vroeg, we moesten nog 70 km verder.

Bij de winkel kwamen de buurtbewoners op de brommer of met de pick-up hun zaterdagse boodschappen doen: drie flessen Thaise Vodka, een doos Leo bier (niet zo lekker als Lao bier). En chips natuurlijk. Iedereen in winterjas, want het is hier immers winter. De bivakmuts en de schaatsmuts zijn hier ook weer populair. En dat bij temperaturen waarbij wij in Nederland onze allerkortste broek uit de kast halen.

Bram raakte nog in gesprek met een jongeman die goed Engels sprak. Hij bleek leraar Engels te zijn, die in het gebouwtje ernaast een zaterdagochtendcursus gaf voor volwassenen. Even aan hem gevraagd wat voor activiteiten we morgen kunnen verwachten, als de koning (tegelijk met Sinterklaas) zijn 83ste verjaardag viert. Hij deed er wat denigrerend over: gratis eten voor iedereen en veel vuurwerk met veel herrie. We zullen het zien morgen. Of horen.

Nou dit maak je allemaal mee tijdens de pauze, helemaal niet saai toch? En dan had ik er nog niet eens bij verteld dat we heel knus samen in een roestig schommelstoeltje zaten.

Zondag 5 december Ban Pheang – Nakhon Phanon100 km