Week 2 Khanu W. - LI

Zondag 7 januari Nakhon Sawan- Khanu Woralaksiburi 66 km

Bia

Om een aantal redenen hebben we met onszelf afgesproken gezamenlijk dagelijks niet meer dan 1 big bottle Thais bier te drinken. Maar dat streven is deze week al jammerlijk mislukt. Nee, niet omdat ons vleesch zoo zwak is, maar door de Thaise restaurantdames. Het gaat als volgt: nadat we met veel communicatieproblemen hebben vastgesteld wat we te eten krijgen komen ze aanlopen, de een met de fles bier en 2 limonadeglazen. De ander met een emmer ijs. Nee, de falang willen geen ijs in hun bier. Het kost meestal een beetje moeite om hen daarvan te overtuigen. In zo’n fles zit ongeveer anderhalf glas per persoon, dat zou in de regel voldoende moeten zijn voor een maaltijd van ongeveer 10 minuten, want langer duurt het hier toch niet. Nadat we ieder enige slokken hebben genomen komen ze het glas bijvullen. Soms als het glas bijna leeg is, maar meestal al na enkele slokken want de restaurantdames hebben het in het algemeen niet zo druk, gemiddeld loopt er ongeveer 4 x zoveel personeel als bij ons. Let op nu komt het: eerst wordt Bram zijn glas weer volledig bijgevuld. Dan zit er voor mij nog maar een klein slokje in de fles en wordt Bram vragend aangekeken of er nog een tweede fles moet komen. Nou zo komt het dus dat er een tweede fles komt. We hebben het uitgetest gisteren, zelfs als er in zijn glas meer zit dan in het mijne, dan nog wordt dat als eerste bijgevuld. Echte dames drinken kennelijk geen bier hier. Probably a message in that?

Maandag 8 januari Khanu W. - Kamphaeng Phet 81 km
Dinsdag 9 januari rustdag
Woensdag 10 januari Kamphaeng Phet - Tak 76 km
 

Wereldfietsers

Met meer dan 15.000 tropische fietskilometers in de benen mogen we ons inmiddels wel wereldfietsers noemen. Mensen die weten wat ze kunnen verwachten, die overal op zijn voorbereid. Maar het menselijk geheugen heeft de neiging alleen de positieve zaken te onthouden. Dat je benen zeer gaan doen, je handen en voetzolen gaan tintelen, de warmtepukkels onder je fietshelmbandje gaan jeuken, de weg soms saai is en dat het hier heet is, bloedheet, dat waren we even vergeten. In combinatie met 4 lekke banden in 2 dagen en Bram die snottert en hoest: we zaten er even doorheen. Waarom doen we dit eigenlijk? Visioenen van strandbedjes onder een kokospalm op Kho Samui, met een cocktail onder handbereik drongen zich nadrukkelijk aan ons op.

Maar na een extra rustdag gevuld met een succesvol bezoek aan de plaatselijke fietsenmaker (velglint, binnenbanden, plaksetje), een rondje prachtige tempels (waar zijn die andere toeristen?), een marktje, een voetmassage en een goed gesprek onder het genot van een extra biertje, toen ging het eigenlijk wel weer. Wereldfietsen is soms afzien, vaak genieten maar altijd inspannen, het gaat niet vanzelf.

Dus toen we vanmorgen kort na zessen werden uitgezwaaid door de lieve guesthousemeneer (nadat hij ons nog een fruitpakketje voor onderweg had toevertrouwd) waren we er weer helemaal klaar voor. Met de wind in de rug onder een bewolkte hemel stoven we als een speer richting Tak, met de eerste bergen als decor, om daar na 75 km reeds om 11 uur de vermoeide benen op het hotelbed neer te kunnen vleien.Wereldfietsersbenen wel te verstaan.

Donderdag 11 januari Tak _ Sam Ngao incl rondrit naar Bumiboldam 76 km
Vrijdag 12 januari Sam Ngao - Thoen 72 km

Geesteshuisjeskerkhof

Wat na al die Aziatische fietskilometers nog niet is opgelost, is de kwestie van de geesteshuisjeskerkhoven.

Op het Thaise erf is een hoekje ingericht voor de verering van de geesten van de voorouders. Voorheen een houten paal met daarop een houten tempeltje, thans op de rijkere erven een setje van vier geesteshuisjes. Dat wil zeggen twee vierkante, type voederplaat en twee type minitempel. Tegenwoordig soms in smaakvol roomwit, maar vaak in felgekleurd beton, paars, knalgeel of gifgroen, met goudkleur afgewerkt. Eén van de minitempels heeft een laddertje, dan kunnen de geesten ’s nachts een rondje door de tuin wandelen. Ingericht met wierrookstokjes, kaarsjes, mini-boeddha’s en jasmijnslingers. Zo’n slinger hebben wij ook altijd aan de fiets hangen want dat brengt namelijk voorspoed. Op de voederplaten wordt eten en drinken voor de geesten klaargezet: rijst, een flesje rode ranja en wat fruit.              ’s Morgens vroeg gooit de vrouw des huizes de door de geesten (en vogels) niet opgegeten eten weg en legt verse waren neer.

Tot zover snappen we het nog. Dat je dagelijks even stilstaat bij degenen die je ontvallen zijn is een mooie gedachte. En je zorgt ook nog eens goed voor ze.

Maar wat we niet snappen zijn de geesteshuisjeskerkhoven. In de wegberm tref je regelmatig een groepje gedumpte geesteshuisjes aan, achteloos in de wegberm achtergelaten. Altijd ver van het dorp en ver van de tempel. Was er een niet te weerstane aanbieding van mooie geesteshuisjes bij de Thaise Gamma? Of hebben ze postuum alsnog ruzie gekregen met de voorouders?

We denken dat de huisjes worden weggedaan omdat er kwade geesten in het huis zijn gekomen. Geesten die dood en verderf hebben gezaaid. Dan wil je graag met een schone lei opnieuw beginnen toch? Maar of dit de verklaring is? Wie het weet mag het zeggen!

Zaterdag 13 januari Thoen - Li 56 km