Week 2 Jianshui - Lao Cai

Afbeelding invoegen
6 november Jianshui - Long Yuan 55 km
Wecky

De tweede avond in Jianshui aten we samen met Amanda, de vijfde westerling die we tot nu toe gezien hebben. Een Australische muzieklerares die na een muziekproject met Chinese kinderen nog twee weken in haar eentje door  China reisde. Ze had na enkele dagen solo-reizen duidelijk behoefte aan wat gesprekspartners. Ze leerde ons een nieuw Engels woord "wecky". Of misschien "whacky", dat zijn we vergeten te vragen. Het betekent zoveel als vreemd, raar. We waren het er al snel over eens dat behoorlijk veel dingen in China tamelijk wecky zijn.
Onze overnachtingsplek gisteren was dat bijvoorbeeld ook. Een subtropisch zwembadencomplex met talloze whirlpools in een lommerrijke tuin, glijbanen, duiktorens, wildwaterbaan, dat soort werk.  Echter allemaal zonder water en geen gast te bekennen. Off-season, alhoewel wij thuis met deze temperatuur naar het strand zouden vertrekken. De balie-juffrouw had heel handig een schriftje met Engelse zinnen, maar daar werd de communicatie niet makkelijker van. Nadat we naar ons gevoel hadden gekozen voor de hotelkamer met twee tobbes, bleef ze maar herhalen: "What can I do for you?". Ze nam ook alle etensopties met ons door. Nee, liever geen chicken want die serveren ze altijd met stukjes bot (die ze helemaal opeten). Broccoli of ei lijkt ons prima. Uiteindelijk eten we gewoon wat de pot schaft, in de personeelskantine. Althans wat daar voor door gaat maar het voert te ver om ook dat nog allemaal te beschrijven.  Na de lunch moeten we in bad. De juffrouw loopt met ons mee naar onze bijzondere hotelkamer, die bestaat uit een slaapkamer met vies-grauwe muren en een open dakje, waar een netje onder gespannen is versierd met oranje plastic vruchten en dito groene blaadjes.Afbeelding invoegen In de ruimte ernaast die er uit ziet als een abattoir staan parallel opgesteld twee houten tobbes. Ze doet een grote plastic zak erin en dan mogen we ons in het loeihete water laten zakken.  Dat wil zeggen, nadat de juffrouw handdoeken had gehaald want daar was eigenlijk niet in voorzien. En nadat ik de kranen even had laten lopen, eendachtig de vrouw van onze tandarts die Legionella opliep in het door toeristen in de steek gelaten Kenia. Ik moet zeggen, het bad was heerlijk na de flinke klimmen van deze etappe. Dat het bed keihard was en het water van de wc onder de kit aan de voet van de wc pot kwam doorsijpelen, och. Ain't that rather whacky?
 
7 november Long Yuan - Gejiu 26 km
Afbeelding invoegen
8 november Gejiu- Man Hao 90 km
9 november Man Hao- Hekou 97 km
 
Hello-country

Na een afdaling gisteren van meer dan 30 kilometer met een verval van ruim1500 meter zijn we nu echt in de tropen beland. Het was onze langste afdaling ooit. In Equador zijn we ooit met een bus op een vulkaan afgezet om met een mountainbike naar beneden te jakkeren, maar deze afdaling was toch langer. Helaas was de weg op de een of andere manier een beetje nat - het had niet geregend - waardoor het wel uitkijken was. Toch bedroeg de gemiddelde snelheid bijna 50 kilometer per uur. Het spatbord kon door de snelheid het water niet verwerken, zodat mijn benen onder de zwarte prut zaten. Afdalen met een tadem is een bijzondere ervaring. Wat heeft Marijke toch een grenzenloos vertrouwen in mijn stuurmanskunst.  Als beloning mag zij remmen met de schijfrem achter. 
Eenmaal beneden waren we moe. Het vergt veel concentratie om de beloning voor het vele klimwerk te incasseren, alhoewel de eerlijkheid gebiedt te vermelden dat we door het vliegtuig al op 1900 meter hoogte zijn afgezet. Maar fietsen in Yunan kan niet zonder veel klimwerk. Wat dat betreft hebben we het zwaarste gedeelte van onze reis eigenlijk gehad. 
Onder aan de afdaling was een levendig kruispunt. Overslagpunt van allerlei goederen en overstappunt voor mensen van de bergstammen, de vrouwen in hun kleurrijke klederdracht.  Daar hebben wij uit zitten puffen onder het genot van een ice tea, dat geen ice tea bleek te zijn, maar een of ander cocosdrankje.  In eenzelfde soort flesje. 
Behalve dat het grote hoogteverschil te merken is aan de temperatuur, worden we nu ook veelvuldig gegroet met "hello". Dat kunnen we ons nog herinneren van onze vorige reizen in Azie. Soms zie je niet eens waar het geluid vandaan komt. Of het nu komt dat we in de buurt van Vietnam zijn weet ik niet, maar de spontaniteit van de mensen die wij onderweg tegenkomen neemt met de kilometer toe. En we voelen ons soms toch wel een beetje Livingstone als een jongeman die ons op de motor inhaalt even later stopt en duidelijk maakt dat hij een selfie wil maken met ons. Of meisjes die giechelend elkaar op de foto zetten met ons als decorstukken.  Ze zien duidelijk niet zoveel westerlingen hier.  Wij ook niet overigens, behalve dan het Belgische stel dat ongeveer gelijk opreed met ons. We zijn ze alleen gisteren kwijtgeraakt omdat het beoogde hotel in een dorpje gesloten bleek. Daar leek overigens niks aan verloren. Wij vonden 18 km verderop onderdak in een hotel dat er uitzag als een kasteel maar een mengeling was van dorpsdisco en gokhal. Maar de Belgen hebben we niet meer gezien. 
Morgen Vietnam in. Een Vietnamese die in het restaurant was vanavond vertelde dat daar veel meer Engels wordt gesproken dan in China. Dat zou fijn zijn. Maar "hello" blijken ze hier in China toch ook te kennen. 
 
 
Exit China
Na 14 dagen fietsen in China zijn we morgen in Vietnam. 14 dagen geen Facebook, Instagram of Twitter. Dat is allemaal niet zo erg maar ook 14 dagen geen Google, geen Google maps en geen Google translate. Met name dat laatse is toch wel een handicap in een land waar maar bitter weinig Engels wordt gesproken.  Ik had thuis een aantal veel gebruikte begrippen opgezocht en opgeslagen op mijn telefoon, maar was het woord "bier" vergeten. Gelukkig helpt dan een fotootje. Wat ook helpt is dat ze snappen dat als je je beide handen onder je scheefgehouden hoofd houdt dat je ergens wilt slapen. En een kommetje vormen met je linker hand en met je wijs- en middelvinger van je rechter hand een schepbeweging maken: ah, u wilt een kommetje noodlesoup.  Ze snappen echter niet dat wij hun ingewikkelde Chinese karakters niet kunnen lezen. Maar we zijn zeker niet van de honger omgekomen en hebben ook iedere nacht in een (soms keihard) bed geslapen. 
Afgezien van de communicatieproblemen was fietsen in China een bijzondere belevenis. Er valt onderweg zoveel te observeren, zeker vanuit mijn positie achter op de tandem. Bijvoorbeeld het enorme verschil tussen stad en platteland. In de stad trendy jongelui met de allernieuwste IPhone. Die past niet meer in je broekzak dus wordt in de linkerhand meegetroond. 's Avonds dansen de vrouwen op het plein, de Tai Chi is vervangen door een soort line-dancing. Ook overdag is het druk op het plein. 
De mannen leggen een kaartje of spelen majong, het gaat er soms fanatiek en luidruchtig aan toe. Veeg-mevrouwen vegen al het zwerfvui op. Krasse bejaarden staan te badmintonnen of luisteren naar een operazangeres, die naar onze smaak vooral kattengejank laat horen. Ze zitten hier niet achter de geraniums, de oudjes.
Op het platteland sjofele landbouwers, gesloten en gereserveerd, geen jongere te bekennen.  Altijd rokend. En overal rotzooi.
Het is schokkend te zien hoe ze onachtzaam omgaan met hun leefomgeving. Van enige vorm van ruimtelijke ordening is op het platteland geen sprake. Het zichtbare milieuprobleem is al gigantisch, laat staan wat al die industrieën uitspoken. Ik hoef geen vis uit deze rivier. Er zijn nauwelijks vogels, geen planten in de berm. 
Ik had van te voren ambivalente gevoelens over China en dat is zo gebleven. Zeker de eerste dagen met het slechte weer dacht ik af en toe: wat doe ik hier? Waarom laat ik mijn comfortabele huis (en bed!) achter om hier op modderige wegen over heftige heuvels te klimmen? Die vraag laat zich niet eenvoudig beantwoorden, maar in ieder geval hebben we mooie verhalen te vertellen. En we slapen als roosjes.